|
Waar je recht op hebt, is afhankelijk van
- je leeftijd
- welke vorm van onderwijs je volgt
- je persoonlijke situatie
De meest bekende tegemoetkoming is studiefinanciering. Als je daar geen recht op hebt, kom je misschien via de WTOS (Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten) wel in aanmerking voor een andere tegemoetkoming.
1. Studiefinanciering
Wanneer heb je recht op studiefinanciering? Als je 18 jaar of ouder bent (maar nog geen 30) en op het MBO, HBO of WO zit, heb je recht op studiefinanciering en een OV-studentenkaart. Je moet wel een voltijd beroepsopleidende leerweg in het beroepsonderwijs volgen van minimaal een jaar.
In principe moet je de Nederlandse nationaliteit hebben, maar soms kom je met een niet-Nederlandse nationaliteit ook in aanmerking voor studiefinanciering.
Studiefinanciering bestaat in principe uit een basisbeurs en een OV-studentenkaart. Daar bovenop kan je een aanvullende beurs krijgen en is er de mogelijkheid tot lenen.
Als je een partner hebt met een kind, dan kun je een partnertoeslag krijgen. Heb je een kind en geen partner? Dan kan je een éénoudertoeslag krijgen. Verderop vind je meer informatie over deze toeslagen. Studiefinanciering voor beroepsonderwijs Vanaf je 18e jaar heb je in principe recht op studiefinanciering als je een voltijd opleiding volgt in het beroepsonderwijs.
Je studiefinanciering kan bestaan uit een:
- Basisbeurs. Als je voltijd studeert kom je in aanmerking voor een basisbeurs. De hoogte van de basisbeurs is voor uitwonende studenten hoger dan voor thuiswonende studenten.
- Aanvullende beurs. De aanvullende beurs is afhankelijk van het inkomen van je ouders. Je aanvullende beurs wordt lager, op het moment dat het inkomen van je ouder(s) stijgt. Ook speelt mee of je broers of zussen hebt die in het voortgezet (speciaal) onderwijs zitten of een aanvullende beurs hebben.
- Rentedragende lening. Naast de aanvullende beurs kun je ook een lening afsluiten. Je kunt het maximale bedrag lenen, maar minder mag ook. De lening moet je na je studie terugbetalen. Dat kan in termijnen. Klik hier voor de hoogte van de rentepercentages.
- OV-studentenkaart. Klik hier voor informatie over de OV-studentenkaart.
Doe je een beroepsopleiding op niveau 1 of 2, dan is de studiefinanciering die je ontvangt een gift. Na je opleiding betaal je alleen de rentedragende lening terug (als je deze had afgesloten).
Volg je een opleiding op niveau 3 of 4 dan krijg je studiefinanciering in de vorm van een prestatiebeurs. Dit houdt in:
- een basisbeurs
- eventueel een aanvullende beurs
- de OV studentenkaart
- de prestatiebeurs is een lening die in een gift wordt omgezet op het moment dat je je diploma haalt (binnen 10 jaar, op minstens niveau 3 of 4).
Studiefinanciering voor hoger onderwijs Volg je een voltijd opleiding aan een hoge school of universiteit? Dan heb je in principe recht op studiefinanciering en een OV-studentenkaart.
Je studiefinanciering kan bestaan uit een:
- basisbeurs
- aanvullende beurs
- rentedragende lening
- collegekrediet: vanaf 1 september 2007 kun je, naast de 'gewone' lening, een lening aanvragen voor het betalen van je collegegeld.
De studiefinanciering in het hoger onderwijs is een prestatiebeurs. Dat betekent dat de beurs eerst als lening wordt uitbetaald. Haal je binnen 10 jaar je diploma, dan wordt je beurs achteraf omgezet in een gift.
Wat houdt de éénoudertoeslag precies in? Als je een alleenstaande ouder bent, heb je waarschijnlijk recht op een éénoudertoeslag. Deze toeslag is dan onderdeel van je basisbeurs.
Om hiervoor in aanmerking te komen, moet je voldoen aan de volgende voorwaarden:
- je hebt geen partner;
- je ontvangt kinderbijslag voor je kind;
- je kind moet bij jou in huis wonen;
- je kind is jonger dan 18 jaar.
Als student in het hoger onderwijs heb je na 4 jaar prestatiebeurs alleen nog maar recht op een lening. De éénoudertoeslag kun je dan ook lenen.
Wat houdt de partnertoeslag precies in? Heb je een partner en kind(eren), dan heb je waarschijnlijk recht op een aanvullende toeslag. De toeslag is dan onderdeel van je basisbeurs. Je moet dan aan de volgende voorwaarden voldoen:
- je partner heeft zelf geen recht op studiefinanciering;
- je partner verdient minder dan een bepaald bedrag per maand;
- je partner moet een kind jonger dan 12 jaar verzorgen voor wie recht bestaat op kinderbijslag.
Als student in het hoger onderwijs heb je na vier jaar prestatiebeurs alleen nog maar recht op een lening. De partnertoeslag kun je dan ook lenen.
Studiefinanciering aanvragen Studiefinanciering kun je aanvragen bij de DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) Of bel: 050- 599 77 55.
Let op! Als je studiefinanciering krijgt, mag je elk jaar een bedrag aan overige inkomsten hebben zonder dat je studiefinanciering daardoor in gevaar komt. Let op de inkomensgrens. Blijf je daaronder dan is er niets aan de hand.
Voor meer informatie over studiefinanciering kijk je op:
2. Tegemoetkomingen
Welke tegemoetkomingen in studiekosten zijn er?
Tegemoetkoming ouders: Ben je nog geen 18 jaar? En volg je voortgezet onderwijs of beroepsonderwijs? Dan kunnen je ouders/verzorgers/voogd een tegemoetkoming in de studiekosten aanvragen bij Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO).
Meer informatie en voorwaarden: 'tegemoetkoming ouders'.
Tegemoetkoming scholieren: Als je 18 jaar of ouder bent en op het voortgezet onderwijs of het volwassenenonderwijs zit, dan heb je mogelijk recht op 'tegemoetkoming scholieren'.
Dit is een tegemoetkoming in de studiekosten. De tegemoetkoming scholieren moet je zelf aanvragen bij DUO. De tegemoetkoming bestaat uit een basistoelage en een aanvullende toelage.
De hoogte van de basistoelage is niet afhankelijk van het inkomen van je ouders. Wel wordt er gekeken of je nog thuis woont of dat je uitwonend bent.
De aanvullende toelage bestaat uit een tegemoetkoming in de schoolkosten. Voor de hoogte van de aanvullende toelage wordt er rekening gehouden met:
- het inkomen van je ouders
- het aantal kinderen waar je ouders voor zorgen
- of je in de onder -of bovenbouw zit
- je nationaliteit
Let op! Bij een tegemoetkoming scholieren heb je GEEN recht op een OV-studentenkaart Voor meer informatie en de voorwaarden: 'tegemoetkoming scholieren'
Meer informatie over de Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten (WTOS) kun je vinden op:
Tegemoetkoming deeltijders: Volg je een deeltijdopleiding? Misschien kom je dan in aanmerking voor de tegemoetkoming deeltijders.
Een tegemoetkoming deeltijders bestaat uit een tegemoetkoming in het cursusgeld en uit een tegemoetkoming in de schoolkosten en kan je aanvragen bij DUO.
De hoogte van de tegemoetkoming is afhankelijk van het inkomen van jou en je eventuele partner en van het aantal lesminuten van alle opleidingen samen.
Meer informatie en de voorwaarden: 'tegemoetkoming deeltijders'.
Tegemoetkoming leraren: Volg je een lerarenopleiding of een pabo-opleiding? En heb je geen recht op studiefinanciering? Dan kun je bij DUO een tegemoetkoming leraren aanvragen.
Meer informatie en de voorwaarden: 'tegemoetkoming leraren'. 3. Fondsen
Welke andere regelingen zijn er? Er zijn ook regelingen waar jij als (aanstaande) studerende moeder misschien gebruik van kunt maken. Bijvoorbeeld de mogelijkheid tot het aanschrijven van fondsen.
Wil je in aanmerking komen voor zo'n fonds? Dan moet je contact opnemen met een hulpverleningsinstantie die je daarbij kan helpen. Het is namelijk bijna onmogelijk om zelfstandig zo'n fonds aan te schrijven.
De Stichting Steunpunt Studerende Moeders ondersteunt studerende moeders hierbij. Zo kun je makkelijker en sneller aan een studie beginnen of voort zetten. Het steunpunt is er voor alle studerende moeders. Het maakt niet uit hoe oud je bent.
|